Cornelis Brandsen, zoon van (?) Brant Cornelissen van Geijtenbeek en Jangen Toenissen, geboren ca. 1625, overleden 9 maart 1674 te Renswoude (#)
Gehuwd ca. 1649 met
Meijnsje Adriaensen van Langelaar, dochter van Adriaen Mattheusen van Langelaar en Maria van Triest, geboren ca. 1630 te Renswoude, overleden 17 juli 1673 te Renswoude (#)
Bronnen: 1) geldersarchief.nl, 2) hetutrechtsarchief.nl, 3) oudscherpenzeel.nl, 4) Dashorst (Woudenberg), Henk van Woudenberg, augustus 2024, 5) Familiegeld 1675 (-1724) in Eemland. Eemlandse Klappers 29, 1998, 6) razu.nl, 7) NT00061_36. Nadere Toegang op inv. nr 36 uit de Collectie Digitale Bronnen (61). M.S.F. Kemp, Februari 2018. Regionaal Historisch Centrum Zuidoost Utrecht, 8) NT00063_2056. Nadere Toegang op inv. nr 2056 uit de notariële archieven tot 1896, 1620-1895 (1930) (63). H.J. Postema, Maart 2014. Regionaal Historisch Centrum Zuidoost Utrecht, 9) NT00064_148_151. Nadere Toegang op inv. nrs 148-151 uit het archief van de Dorpsgerechten, 1515-1813 (64). H.J. Postema, Juni 2013. Regionaal Historisch Centrum Zuidoost Utrecht
Cornelis en Meijnsje zijn in 1649, 1652, 1657 en 1669 ingeschreven in het lidmatenregister van Renswoude.
Op 30 juni 1654 Willem Ariaensz van Langelaer wonend Veenendaal voor hemzelf, Cornelis Brantss en Jan Cornelisz beiden te Renswoude en Gerrit Aertsz te Scherpenzeel elk als x huisvrouw, Aelbert Cornelisz van Santen wonend Scherpenseel, vader van zijn twee onmondige kinderen bij zaliger Reijertgen Adriaensdr van Langelaer, Anthonis van Hoeff brouwer en Johan Mattheusz van Langelaer jegenwoordig absent, beiden voogd van Thonisge en Adriaentge onmondige dochters van zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer, Cornelis Henrickx Lam x Goortgen Adriaensdr van Langelaer, allen erfgenamen van zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer x Maijcken Fransdr van Triest, constitueren Matheus van Langelaer hun broer en zwager om 2 dammaten lands in Bunschoten te transporteren.
Op 18 maart 1656 Matheus Adriaensz van Langelaer in Veenendael stichtse zijde x Dirckgen Willemsdr, Willem Adriaensz van Langelaer x Anna Jansdr ook aldaar, Goortgen Adriaensdr van Langelaer weduwe van Cornelis Henrickx Lam ook aldaar, Cornelis Brantsz op Groot Dashorst en Jan Cornelisz Spickhorst beijde te Renswoude, Gerrit Aertsz van Daetselaer te Scherpenseel en Jan Willemsz (van de Scheur) x Thonisge Adriaensdr van Langelaer opt erve de Scheur te Elst gerecht Rhenen allen voor henzelf en hun huijsvrouwen, Aelbert Cornelisz van Santen schoenmaker, vader van zijn 2 onmondige kinderen bij Reijertge Adriaensdr van Langelaer, constitueren Jan Mattheusz van Langelaer hun oom en behuwdoom te Woudenberg en Anthonis van Hoeff brouwer te Amersfoort behuwdoom als mombers van Adriaentgen Adriaensdr van Langelaer, om te Bunschoten te compareren en te transporteren aan Henrick Berntsz ter Beeck huijs en hof ca, 3 2 dammat etc. Getuige Willem Martensz van Wolfswinkel te Scherpenseel. Zij zijn erfgenamen van zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer opt erve Groot Dashorst en constitueren 18 oktober 1656 Van Wolfswinkel voorschreven om te Amerongen te transporteren aan Aelbert Cornelisz van Santen x Geertge Jacobsdr 1/4 van veen; land aan Cornelis Cornelisz Hoorn x huijsvrouw etc.
Op 18 oktober 1656 transporteert Jan Cornelisz van Spijchorst aan Cornelis Brantsz, zijn zwager, voor 1550,- zijn 1/8e deel van Dashorst, zoals de coper Gerrit Henrickx Vis en Henrick Cornelisz Cluijver jegenwoordig gebruiken, in Renswoude; een rente opt goed was door zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer, pasrtijen bestevader afgekocht; ook sprake van 1/8e deel van een tiend; tekenen: Matheus Adriaensz van Langelaer, Willem Adriaensz van Langelaer, Aelbert Cornelisz van Santhen, Gerrit Aerts van Daetselaer, Jan Willemsz van der Scheur, Anthonis van Hoeff en Jan Mattheusz van Langelaer.
Op 30 december 1658 transporteren Willem Adriaens van Langelaer als gemachtigde van Matheus Adriaensz van Langelaer, won. Veenendaal, Cornelis Brantsz, won. Groot Dashorst, en Jan Cornelisz van Spickhorst, beide onder Renswoude, mitsgaders Gerrit Aertsz van Daetselaer, brouwer tot Scherpenzeel, voor henzelf en voor hun vrouwen, en Jan Willemsz x Thonisgen Adriaens van Langelaer, won. De Scheur te Elst, en Jan Mateusz van Langelaer, won. Woudenberg, en Anthonis van Hoeff, burger en brouwer te Amersfoort, als mombers over Adriaentgen Adriaens van Langelaer, alsnoch onmondig zijnde, ende deselve Matheus Adriaensz van Langelaer neffens den voornoemden comparant sijnen broeder als mombers legithine over die twee onmundige naegelaten kinderen van za Reijertgen Adriaens van Langelaer aende selve in echte verwect bij Aelbert Cornelisz van Zanten, erfgenamen van Adriaen Mateusz van Langelaer, in leven gewoond hebbende op Groot Dashorst, aan Cornelis Cornelisz Hoorn een perceel lants-veen ende velts strekkende van de grift af tot den berg toe.
Op 19 januari 1659 Jan Matheusz van Langelaer x Meijnsge Everts, Jacob Gerritsz van Blotenburg x Willemke Cornelis, en Jan en Jacob als voogden en gestelde curators over het minderjarige kind Adriaantje Rijcks, en verder Willem Adriaensz van Langelaer x Anna Jans, Cornelis Brantsz x Meijnske Adriaens van Langelaer, Jan Cornelisz van Spickhorst x Truijchge Adriaens van Langelaer, Gerrit Aertsz x Triesge Adriaens van Langelaer, Aelbert Cornelisz van Santen als vader en voogd over zijn
twee onmondige kinderen van Reijertje Adriaens van Langelaar, Jan Willemsz van der Scheur x Teunisje Adriaens van Langelaer, mitsgaders dan nog Jan Matheusz van Langelaer voornoemd als voogd van Adriaentje van Langelaer, constitueren Geurt Gauda om te transporteren aan Matheus Adriaensz van Langelaar x Dirckje Willems
alsmede aan Gijsbert Aertsz x Teunisje Otten een erf en goed bestaande uit wei-, bouw-, veen- en hooiland in Veenendaal genaamd de Rode Deur, zoals dat tegenwoordig gebruikt wordt door Geurt Hendricksz Bakkenes.
Cornelis Brantsz woont in 1662 op de Schekkermeent in Renswoude. Op 18 juni 1662 koopt bij het erf Groot Dashorst die in Renswoude gewoonlijk “De Rouwe Hofstede” werd genoemd van Matheus Adriaensz van Langealer en Jan Willemsz x Thonisgen Adriaens, ieder een achtste, dus samen een vierde deel van het erf met het recht op een derde deel van een vierde van de ´gemeente´, eerder eigendom van zaliger Adriaen Matheusz van Langelaer.
Op 17 oktober 1663 Cornelis Brantsen in Renswoude constitueert.
In 1675 is het register van familiegeld te Renswoude opgenomen: ’10 kinderen van Cornelis Brantsz, bouwen tezamen, 24.0.0′.
In 1676 krijgt Cornelis van Scherpenzeel, burger van Utrecht van zijn vader Willem Hendricksz van Scherpenzeel, burger van Utrecht gehuwd met Adriana Adriaen Mattheusz van Langelaer, het 1/8 deel van de Rouwe Hofstede, ook wel genaamd Out Dashorst. De erfgenamen van Cornelis Brandsz zijn eigenaar van 6/8 deel en Maechgen van Santen, vrouw van Cornelis Overeem bezit 1/8 deel. Totaal ca. 100 morgen.
Uit dit huwelijk:
1 Brant Cornelisz, gedoopt ca. 1650 te Renswoude, overleden > 25 maart 1692. Gehuwd in 1683 (huwelijksdispensatie 15 november 1683) met Geertjen Jans
2 Aris Cornelissen, geboren ca. 1654, overleden > 1715. Ondertrouwd op 22 april 1683 en gehuwd op 13 mei 1683 te Veenendaal met Stijntje Melissen van Voorthuijzen, overleden > 1715
3 Teuwis Cornelisz, gedoopt 16 mei 1658 te Renswoude, overleden > 3 april 1728
4 Jan Cornelissen van Geitenbeek
5 Jantje Cornelis, gedoopt 10 maart 1661 te Renswoude
6 Hendrick Cornelisz, gedoopt 28 januari 1663 te Renswoude, overleden > 17 april 1725. Gehuwd op 17 oktober 1697 te Renswoude met Otje Phaas, dochter van Faes Jansz en Jantien Jansen, gedoopt 25 juli 1669 te Scherpenzeel
7 Cornelis Cornelissen, timmerman, klompenmaker, gedoopt 24 september 1665 te Renswoude, overleden 1718 te Scherpenzeel. Gehuwd op 9 augustus 1705 te Lunteren met Marrijtje Everts, dochter van Evert Hendrixsen en Brentjen Wouters, gedoopt 16 oktober 1681 te Lunteren, overleden > 1719
8 Maichje Cornelis, gedoopt 25 april 1669 te Renswoude, overleden 21 november 1693 te Scherpenzeel. Gehuwd op 29 januari 1682 te Renswoude met Maas Segers, zoon van Zeger Hermansz, gedoopt 26 september 1652 te Scherpenzeel, overleden 23 juli-3 augustus 1700 te Scherpenzeel
9 Lydia Cornelis, gedoopt 25 april 1669 te Renswoude
10 Peter Cornelisz, landbouwer op Groot Donkelaar, gedoopt 1 mei 1671 te Renswoude, overleden 14 juli 1710 te Renswoude. Ondertrouwd te Scherpenzeel en gehuwd op 6 maart 1698 te Renswoude met Claasje Jans, geboren ca. 1670 te Lunteren, overleden 1727